De geschiedenis van het internet begint op 4 oktober 1957 met de lancering van Spoetnik I door de Sovjet-Unie, die de aanzet geweest is tot een initiatief dat is uitgegroeid tot het wereldwijde internet.
1957-1969

1957
Met de lancering van Spoetnik I werd het voor de Verenigde Staten van Amerika plots duidelijk dat zij niet zo almachtig en onkwetsbaar waren als ze in de periode volgend op de Tweede Wereldoorlog wel dachten (zie ook Spoetnikcrisis). Als onmiddellijke reactie op de lancering werd binnen het Amerikaanse ministerie van defensie het Advanced Research Projects Agency (ARPA) opgericht. ARPA moest instaan voor het ontwikkelen van technologie die de Amerikaanse defensie in staat zou stellen om niet verrast te worden door de technologisch geavanceerde vijand.

Eén van de projecten waaraan de ARPA-denktank werkte was het ontwikkelen van een efficiënte manier voor universitaire instellingen die voor ARPA aan het werk waren elkaars verschillende computersystemen te laten gebruiken. Het systeem zou moeten bestaan uit een computernetwerk dat betrouwbaar en efficiënt zou zijn. Om aan deze beide eisen te voldoen werd ervoor gekozen de gegevens op te splitsen in kleine pakketjes en deze pakketten individueel via de beste route naar de eindbestemming te sturen. Op de eindbestemming kunnen de verschillende pakketten dan weer worden samengesteld tot het oorspronkelijke bericht. Dit concept maakt het systeem minder gevoelig voor onderbrekingen in het netwerk.

1962
In augustus van dat jaar schreef J.C.R. Licklider van de R&D-bedrijf Bolt, Beranek and Newman (BBN) een aantal memoranda over ideeën voor een computernetwerk dat bedoeld was om aangesloten computers van verschillend fabrikaat met elkaar te laten communiceren ("Galactic Network Concept"). Veel van de ideeën van Licklider zijn terug te vinden in het huidige internet.

1968
ARPA keurde een plan goed dat was voorgesteld door de denkgroep van wetenschappers van verschillende universiteiten en researchorganisaties. ARPA opende een openbare aanbesteding voor de uitvoering van het plan.

17 april 1969
Het project werd gegund aan Bolt, Beranek and Newman.

12 september 1969: Een team van de Universiteit van Californië te Los Angeles (UCLA) verbond de eerste twee machines (een op UCLA en een op de Stanford-universiteit in Palo Alto) met ARPAnet.

29 oktober 1969
De eerste boodschap werd verstuurd tussen de twee knooppunten [1]

December 1969
Met de toevoeging van Santa Barbara en Utah waren er vier hostcomputers op het ARPANET aangesloten.

1970-1979

1971
Tegen het eind van dit jaar waren 23 hosts met het ARPANET verbonden. Ray Tomlinson van BBN ontwikkelde software die ARPANET-gebruikers in staat stelde onderling berichten uit te wisselen. Daarbij zond hij de eerste e-mail over een computernetwerk. Hij koos het @-teken om individuele gebruikers te adresseren die aangesloten waren op een bepaalde ARPANET-host.

1972
De Internetworking Working Group (IWG) werd opgericht en het ARPANET werd opengesteld voor niet-universiteiten en overheidsinstellingen.

1974
Door ARPA en Stanford werd een standaard protocol uitgewerkt om verschillende netwerken via het ARPANET te laten communiceren, het Transmission Control Protocol/Internet Protocol (TCP/IP). TCP/IP werd vanaf de start opgevat als een open standaard die alle vormen van communicatie tussen alle soorten netwerken moest mogelijk maken. TCP/IP kan worden gezien als DE grote stap voorwaarts naar het internet zoals het nu bestaat.

In de periode tussen 1974 en 1984 ontstonden er verschillende computernetwerken (MFEnet, SPAN, Usenet, Bitnet, CSNet, Eunet, EARN...) die één voor één ook aan ARPANET werden gekoppeld.

3 mei 1978
400 personen ontvingen een advertentiebericht in hun mailbox. De eerste e-mailspam was een feit. De afzender, Gary Thuerk, werd makkelijk opgespoord, en kreeg problemen met het Ministerie van Defensie (DoD).

1980-1989

1983
ARPANET stapte geheel over op TCP/IP voor het gegevenstransport over het netwerk. Hiermee was het eigenlijke internet geboren. De wereld beschikte nu immers over een open netwerk van netwerken gebaseerd op TCP/IP.

1984
Het eerste artikel over internet verscheen in een Nederlandse krant: 'Een leven zonder netwerk is ondenkbaar'[2] Het internet bestaat reeds uit 1000 verschillende hosts. Ook begonnen de eerste problemen het hoofd op te steken. Het internet werd immers groter en drukker, omwille van het populaire e-mail, dan ooit was voorzien bij het ontwerpen van de onderliggende protocollen.

Tot 1984 kreeg elke host op het internet een unieke naam toegewezen en bestond er een lijst met daarop de namen van alle hosts op het internet. Om het hoofd te kunnen bieden aan de steeds groeiende hoeveelheid hosts werd van dit systeem afgestapt en ging men over op het gebruik van het Domain Name System (DNS).

1986
In de Verenigde Staten werd NSFNet in gebruik genomen. NSFNet functioneerde als hogesnelheidsbackbone voor het internet in Amerika. Via NSFNet verdween zo een extra barrière in de verdere groei van het internet, namelijk de beperkte bandbreedte. Het aantal hosts was in 1986 opgelopen tot 5000.

25 april 1986
eerste internetverbinding met Nederland[3]

1987
Het internet bestond in 1987 uit 28.000 hosts. Aangezien NSFNet niet toegankelijk was voor commerciële doeleinden werd UUNET opgericht, de eerste commerciële internetfirma.

1988
De door MIT-student Robert Morris ontwikkelde computerworm infecteert circa 6.000 van de 60.000 systemen op het internet.

1989
Het internet omvat meer dan 100.000 hosts.

1990-1999

1990
In 1989 stelden de Belg Robert Cailliau en Tim Berners-Lee onafhankelijk een hypertext systeem voor als toegang tot de CERN documentatie. Dit leidde tot een gezamenlijk voorstel in 1990 en daarna tot het World Wide Web.

Het internet omvat meer dan 300.000 hosts en de originele backbone van het internet, ARPANET, houdt op te bestaan.

1991
NSFNet werd beschikbaar gemaakt voor commerciële doeleinden.

1993
Het gemak om webpagina's te maken en naar bestaande pagina's te linken veroorzaakte een exponentiële groei. De eerste zoekmachines verschenen. Lycos werd in 1993 ontwikkeld als onderzoeksproject op een universiteit. Eind 1993 had Lycos 800.000 webbladzijdes geïndexeerd. In december 1993 organiseerde Robert Cailliau de eerste International WWW Conference die in mei 1994 bij CERN werd gehouden en nog regelmatig gehouden wordt.

1993
De browser Mosaic doet zijn intrede.

1994
Eerste online-winkels.

1995
Eerste online-radio met RealAudio. Eerste toepassingen van Java en JavaScript

1996
Eerste internettelefonie. Browseroorlog tussen Internet Explorer en Netscape Navigator.

1998
Eerste portaalsites. Eerste toepassingen van XML.

1999
Opkomst van bankieren via het internet. Eerste toepassingen van MP3.

2000-2010

2000
Opkomst van Napster. Eerste toepassingen van draadloos internet en IPv6.

2001
Start van Wikipedia.

2002
Eerste weblogs.

2003
De slammer- en blaster-wormen leggen grote delen van het internet tijdelijk plat.

2004
Opkomst van podcasting.

2005
Opkomst van Web 2.0

1 maart 2005
Google heeft meer dan 8 miljard webpagina's geïndexeerd, terwijl dat in het begin van 2004 nog 4 miljard was. In juli 2007 stond de teller op iets meer dan 10 miljard webpagina's.

2007
Opkomst van botnets

2008
Doorbraak van sociale netwerken zoals Hyves en Facebook